NRC over nut screenen prostaat

19/03/2009

Volgens een artikel in NRC van 19 maart 2009 verlaagt het screenen op prostaatkanker de sterfte aan die kanker niet, of met twintig procent. Dat zijn twee iets verschillende resultaten van twee grote, ongeveer tien jaar durende onderzoeken onder een kwart miljoen mannen, die vandaag zijn gepubliceerd in The New England Journal of Medicine.

De sterftereductie van 20 procent rolt uit een Europese studie, met als eerste auteur Fritz Schröder, emeritus-hoogleraar aan het Erasmus MC. Een Amerikaans onderzoek ziet geen verschil in prostaatkankersterfte tussen mannen in een screeningsprogramma en een controlegroep.

Screenen op prostaatkanker blijft daarmee omstreden, want ook al is er een sterftedaling, aan de andere kant van de balans staan overdiagnostiek en overbehandeling. Mannen die aan de screening meedoen horen eerder en vaker dat ze prostaatkanker hebben, terwijl een kwart of de helft van hen nooit last van die tumor zou krijgen, maar nu opeens jaren als kankerpatiënt doorbrengt. Dat komt allemaal doordat prostaatkanker meestal langzaam groeit. Probleem is dat er nog geen test is die voorspelt welke tumor uiteindelijk agressief en dodelijk zal zijn.

Mannen die zich laten behandelen, krijgen vrij vaak last van vervelende bijwerkingen als incontinentie en impotentie. Bij de twee vandaag verschenen artikelen staat dan ook een commentaar met als titel: ‘de controverse die weigert te sterven’.

Prostaatkanker is de meest gediagnosticeerde kanker bij mannen, sinds longkanker op zijn retour is. Bijna één op de tien mannen krijgt ooit in zijn leven, vaak tegen het eind, te horen dat hij die tumor heeft. Screenen – in de onderzoeken vanaf 55 jaar – gebeurt door het meten in bloed van een stof (PSA) uit de prostaat.

In het Europese onderzoek had in de gescreende groep na negen jaar 8,2 procent van de mannen te horen gekregen dat ze prostaatkanker hebben, tegen 4,8 procent in de niet gescreende groep. Om één prostaatkankerdode te voorkomen, moesten 1.410 mannen worden gescreend en 48 mannen worden behandeld.

Overdiagnose en overbehandeling komen bij prostaatkanker ‘heel veel vaker voor dan bij de screening op borst,- darm- en baarmoederhalskanker’, schrijven de auteurs van de Europese studie in hun concluderende slotzinnen.

← Terug