Prostaatkanker

De prostaat is een kleine klier net onder de blaas die zaadvocht afscheidt, dat zich mengt met de zaadcellen die uit de testikels komen. Prostaatkanker is de meest voorkomende vorm van kanker bij mannen. In Nederland wordt er jaarlijks bij 9.500 mannen prostaatkanker vastgesteld.

Oorzaken

Een specifieke oorzaak van prostaatkanker is nog niet gevonden. De aandoening lijkt in bepaalde families vaker voor te komen. Bij ongeveer één op de tien jonge mannen die prostaatkanker hebben, komt deze vorm van kanker in de familie voor. Leeftijd is ook een factor die zeker een rol speelt bij het ontstaan van prostaatkanker. Prostaatkanker komt vooral voor bij mannen boven de 60 jaar.

Verschijnselen

De vroege stadia van prostaatkanker verlopen zonder symptomen. Klachten (pijn) treden vaak pas op wanneer er uitzaaiingen zijn in de botten, zoals het bekken en de onderste ruggenwervels. Plasklachten zijn niet specifiek voor prostaatkanker. Bij een normale goedaardige vergroting treden er vaak plasklachten op, omdat de urinebuis die dwars door de prostaat loopt wordt dichtgedrukt door de prostaatvergroting.

Onderzoek

Een belangrijk diagnostisch onderzoek is het rectaal onderzoek. De arts brengt een vinger in de anus en betast de prostaat door de wand van de endeldarm. Ook kan een echografie nuttig zijn. Hierbij wordt de prostaat met behulp van geluidsgolven in beeld gebracht.
Daarnaast is het mogelijk om uw PSA (Prostaat Specifiek Antigen) waarde te bepalen. PSA is een eiwit dat door de prostaat wordt gemaakt en wordt uitgescheiden in de bloedbaan. Bij prostaatkanker kan door de prostaat een grotere hoeveelheid PSA afgescheiden worden dan normaal. Een hogere PSA waarde hoeft echter niet altijd te wijzen op prostaatkanker. Ook andere ziekten (prostaatontsteking, vergrote prostaat) kunnen een hogere bloedspiegel veroorzaken en het komt zelfs bij gezonde mensen voor.
Een biopsie biedt de meeste zekerheid bij het stellen van de diagnose. Hierbij wordt een stukje weefsel weggenomen om onder een microscoop te onderzoeken.
Met een botscan kunnen met behulp van radioactief materiaal eventuele uitzaaiingen naar de botten zichtbaar gemaakt worden.

Behandeling

De overlevingspercentages van mannen met prostaatkanker lopen sterk uiteen, en zijn onder meer afhankelijk van het stadium waarin de ziekte is ontdekt. Van alle mannen met prostaatkanker is de vijfjaarsoverleving ongeveer 80 procent.

Als er geen uitzaaiingen zijn bij het vaststellen van de ziekte, is dit percentage hoger. Het risico op terugkeer is doorgaans kleiner naarmate de periode dat de ziekte niet aantoonbaar is, langer duurt.

Als iemand wel uitzaaiingen heeft, is het vijfjaarsoverlevingspercentage lager. Vaak kan de ziekte lange tijd tot staan worden gebracht. De lengte van die periode is vooral afhankelijk van de uitgebreidheid van de ziekte. In sommige gevallen gaat het om maanden, soms om jaren. Overlevingspercentages voor een groep patiënten zijn niet zomaar naar uw individuele situatie te vertalen. Wat u persoonlijk voor de toekomst mag verwachten, kunt u het beste met uw behandelend arts bespreken.

Er zijn veel vormen van behandeling van prostaatkanker. De meest toegepaste methoden zijn hieronder beschreven.

Waakzaam afwachten

Uit het onderzoek kan naar voren komen dat u een onschuldige vorm van prostaatkanker heeft. Deze zal u niet ziek maken of uw leven in de toekomst bedreigen. Dan is afwachten een goede keuze, want de bezwaren van behandelen zijn in dat geval te groot. Natuurlijk wordt u wel gecontroleerd om te zien of de kanker ook onschuldig blijft.

Chirurgisch verwijderen prostaat

Uit het onderzoek komt dat deze vorm van kanker u in de toekomst ziek kan maken. Alles wijst erop dat de kanker alleen nog in de prostaat zit, er zijn geen uitzaaiingen. U kunt worden genezen door de prostaat met een operatie te verwijderen (prostatectomie). Hiervoor zijn verschillende methoden. Het kan via een ‘open operatie’ (open radicale prostatectomie), via kijkbuisjes (laparoscopische radicale prostatectomie) of via een robotgeassisteerde kijkoperatie. De kans dat de ziekte vervolgens niet meer terugkomt, is afhankelijk van de grootte en de aard van de tumor en kan na de operatie door PSA bloedbepalingen worden gecontroleerd.

Uw arts zal voor de operatie met u bespreken welke methode mogelijk is, welke gevolgen de ingreep kan hebben en hoe deze gevolgen eventueel kunnen worden opgevangen. Hieronder staan de belangrijkste gevolgen van een radicale prostatectomie.

– Erectiestoornissen: de zenuwen die zorgen voor een erectie liggen aan de buitenkant van de prostaat. Afhankelijk van de plaats en de grootte van de tumor is het soms onvermijdelijk dat deze zenuwen tijdens de operatie beschadigd worden. Een normale erectie krijgen is dan niet meer (goed) mogelijk.

– Droog orgasme: als na de operatie normale erecties nog wel mogelijk zijn, komt er geen vocht meer vrij tijdens de zaadlozingen. De prostaat, die het vocht aanmaakt, is immers verwijderd. Er ontstaat dan een ‘droog orgasme’: u komt klaar met alle daarbij behorende gevoelens, maar zonder zaadlozing.

– Urine-incontinentie: de eerste tijd na de operatie hebben veel mannen last van urineverlies. Meestal verbetert dit na een aantal maanden. Ook kan met behulp van bekkenbodemspieroefeningen het urineverlies worden tegengegaan. Vraag uw arts hier naar. Sommige mannen blijven er last van houden, vooral bij ‘drukverhogende’ momenten zoals hoesten of zwaar tillen. Het kan dan een oplossing zijn om absorberend opvangmateriaal te gebruiken. U kunt hiervoor contact opnemen met uw huisarts of apotheek. Volledige en blijvende urine-incontinentie komt slechts zelden voor.

Uitwendige bestraling

Dit is een poliklinische behandeling. U wordt iedere werkdag van de week kort bestraald. De totale behandeling duurt ongeveer acht weken. Met een stralenbundel wordt geprobeerd de tumorcellen uit te schakelen. De kans dat de ziekte vervolgens niet meer terugkomt, is afhankelijk van de grootte van de tumor en kan na de operatie door PSA bloedbepalingen worden gecontroleerd. Afhankelijk van de kenmerken van de tumor kan deze behandeling gecombineerd worden met een hormonale behandeling.

Bestraling beschadigt niet alleen kankercellen, maar ook gezonde cellen in het bestraalde gebied. Kankercellen verdragen straling slechter dan gezonde cellen en herstellen zich er minder goed van. Gezonde cellen herstellen zich over het algemeen wel.

U kunt met een aantal bijwerkingen te maken krijgen, zoals vermoeidheid of een plaatselijke reactie van de huid. De huid kan rood of donker verkleuren op de plek waar u bent bestraald. De verkleuring van de huid is meestal blijvend.

Mogelijke andere klachten zijn het gevolg van irritatie van de darmen en de blaas: darmkrampen, loze aandrang, slijm in of bij de ontlasting, vaker moeten plassen of een branderig gevoel bij het plassen. Deze bijwerkingen beginnen vaak halverwege de bestralingsperiode.

Als gevolg van uitwendige bestraling ontstaat in en rond de prostaat littekenweefsel. Dit kan verschillende late gevolgen geven: vermindering van de productie van zaadvocht, erectiestoornissen, die eventueel met medicijnen te verbeteren zijn, problemen met de ontlasting: vaker of minder vaak dan voorheen naar het toilet moeten; bloedverlies en/of moeite om de ontlasting op te houden.

Inwendige bestraling

Bij inwendige bestraling worden radioactieve staafjes in de prostaat aangebracht. Hierdoor wordt de bestraling nog meer beperkt tot de prostaat en krijgt het weefsel er omheen minder stralen. Deze behandeling wordt ook wel brachytherapie genoemd. Meestal wordt gebruik gemaakt van radioactieve ‘jodiumzaadjes’ die in het lichaam achterblijven.

Bij inwendige bestraling is de straling vrijwel volledig geconcentreerd binnen de prostaat. Dit geeft in principe minder risico op schade aan het gezonde weefsel rondom de prostaat dan bij uitwendige bestraling. Wel kunnen als bijwerking erectiestoornissen optreden. Ander mogelijke bijwerkingen zijn plasklachten: tijdelijk moeilijk kunnen plassen vanwege zwelling van de prostaat, vaak in het eerste jaar na de behandeling. Ongeveer 5 procent van de patiënten heeft daarom een blaaskatheter nodig. Sommige mannen moeten juist vaker plassen dan voorheen en voelen een heftigere aandrang.

Hormonale behandeling

Prostaatkanker groeit onder invloed van het (mannelijke) hormoon testosteron. Bij hormoontherapie wordt de aanmaak van dit hormoon verminderd. Deze behandeling wordt onder andere toegepast bij prostaatkanker met uitzaaiingen. Uitzaaiingen kunnen met scans opgespoord worden in lymfeklieren of in het skelet. Door de hormonale behandeling wordt niet alleen de kanker in de prostaat behandeld, maar ook de plaatsen met uitzaaiingen. Hierdoor kan de ziekte worden teruggedrongen en geremd, maar er is geen sprake van genezing.

Bij hormonale therapie kunnen de volgende bijwerkingen voorkomen:

  • Minder zin om te vrijen
  • Geen erectie meer kunnen krijgen
  • Opvliegers
  • Pijnlijke zwelling van de borsten
  • Verandering van lichaamsbeharing
  • Vermoeidheid
  • Verandering van de vetverdeling in het lichaam

Waar kunt u terecht voor uw behandeling

U kunt met uw klachten een afspraak maken op de polikliniek in beide ziekenhuizen.

Bepaalde behandelingen worden uitgevoerd op de locaties die daarvoor de benodigde expertise en uitrusting beschikbaar hebben. Na afloop van uw behandeling kunt u voor uw controle weer naar de polikliniek van het ziekenhuis dat u wenst.

In beide ziekenhuizen zijn de benodigde faciliteiten aanwezig voor de controles wanneer de behandeling bij u bestaat uit ‘waakzaam afwachten’ of uit hormonale therapie.

Wanneer uw prostaat chirurgisch verwijderd moet worden, is de meest voor de hand liggende ingreep om dat via een kijkoperatie te doen. Deze ingreep vindt alleen plaats in het St. Antonius Ziekenhuis waar zeer veel ervaring met deze behandeling bestaat en waar zeer goede resultaten met deze behandeling behaald worden.

Wanneer u behandeld wordt met bestraling, zal dat uitgevoerd worden door onze collega’s in het UMC Utrecht.

Meer informatie

www.kwf.nl
www.nfk.nl
www.scp.nfk.nl
www.prostaatkanker.org
www.allesoverurologie.nl